De Kantonrechtersformule
de berekening van een ‘gouden handdruk’
2006-10-16 | Naar Nieuwsarchief
Vanwege de uiteenlopende wijze van vaststelling van de vergoeding per kantonrechter en de onmogelijkheid van hoger beroep, bij de beslissing op een verzoek om ontbinding van een arbeidsovereenkomst, heeft de Kring van kantonrechters eind 1996 Aanbevelingen gepubliceerd over de wijze van berekening van de vergoeding (Kantonrechtersformule). Deze aanbevelingen zijn niet bindend, maar worden vrij algemeen opgevolgd. De vergoeding wordt berekend volgens de formule A x B x C.
Hierin is A het aantal gewogen dienstjaren op de ontbindingsdatum (hele dienstjaren tot de leeftijd van 40 jaar tellen voor 1; hele dienstjaren opgebouwd in de leeftijd van 40 tot 50 jaar tellen voor 1,5; elk volgende hele dienstjaar telt mee voor 2). B is de beloning (bruto maand salaris, vermeerderd met vaste looncomponenten als vakantietoeslag, vaste 13e maand, structurele overwerkvergoeding, etc). C is de correctiefactor. Deze is 1 bij een ‘neutrale’ ontbinding. Bij verwijtbaar gedrag wordt de correctiefactor aangepast. De schadevergoeding mag niet meer bedragen dan de maximale inkomensschade tot de leeftijd van 65 jaar.
Met de zogenaamde ‘kantonrechtersformule’ bepaalt de kantonrechter welke vergoeding bij een ontbinding wegens verandering in de omstandigheden dient te worden toegekend indien dat hem met het oog op de omstandigheden van het geval billijk voorkomt.
Met de C-factor kan de kantonrechter zijn billijkheidsoordeel tot uiting brengen. Indien sprake is van verwijtbaarheid aan de zijde van één der partijen dan wel van verwijtbaarheid over en weer, wordt de ernst van de verwijten via de C-factor tot uitdrukking gebracht. De overige bijzondere omstandigheden van het geval worden eveneens door middel van de toepassing van de C-factor meegewogen.
Inmiddels wordt in de praktijk door kantonrechters al meer dan tien jaar gebruik gemaakt van deze kantonrechtersformule en zijn hierover verschillende evaluaties verschenen. Zo kun je je afvragen of er een maximum is aan de factor C. De aanbevelingen van de Kring van Kantonrechters melden hierover niets. Over het algemeen kan worden gesteld dat indien de oorzaken van een ontbinding in de risicosfeer van werkgever liggen, dan wel de werkgever te verwijten zijn, dit leidt tot een hogere factor C, zelfs aanmerkelijk hoger dan 1. Dit kan werkgevers derhalve aardig wat geld kosten. Uit een gepubliceerde ‘Statistiek ontbindingsvergoedingen’ blijkt dat de kantonrechters in de regel geen vergoedingen toekennen met een correctiefactor C hoger dan 2. Uit de statistieken blijkt echter dat er wel uitschieters naar boven voorkomen al naar gelang de bijzondere omstandigheden van het geval. Wat daarbij vaak een rol speelt zijn dienstverbanden van vijf jaar of korter, maar ook gevallen waarbij werkgevers zich buitensporig verwijtbaar hebben gedragen tegenover werknemers.
Vlak voor het zomerreces heeft Minister Donner namens het Kabinet advies gevraagd aan de centrale organisaties van werknemers en werkgevers over het voorstel voor aanpassing van het ontslagrecht. De Stichting van de Arbeid, waar werknemers- en werkgeversorganisaties in vertegenwoordigd zijn, wordt gevraagd vóór 1 september 2007 advies uit te brengen. Overigens niet alleen over het Ontslagrecht maar ook over enkele wijzigingsvoorstellen op de Wet Flexibiliteit en zekerheid (sinds 1 januari 1999).
De gezamenlijke vakcentrales wijzen de voorstellen af. De werkgeversorganisaties hebben zich lovend uitgelaten over de voorstellen, omdat een soepeler ontslagrecht nodig is om de arbeidsmarkt beter te laten functioneren. Na enkele gespreksrondes lijkt het uitgesloten dat er een unaniem advies komt. Daarvoor zijn er te veel principiële verschillen. Een concreet wetsvoorstel is er derhalve nog niet, doch het Kabinet is wel van plan om het ontslagrecht ingrijpend te gaan wijzigen. Volgens de Minister mag besluitvorming niet te lang duren gezien “de expansiefase van de economie” die gepaard gaat met tekorten aan personeel.
In de nieuwe plannen van de Minister zal ook de kantonrechtersformule een punt van discussie zijn. Het voorstel bestaat er uit dat de gouden handdruk voor hogere inkomens tot maximaal een jaarsalaris wordt beperkt. Lagere inkomens kunnen meer jaarsalarissen meekrijgen, tot een maximum van 75.000 euro voor werknemers onder de 40 jaar en van een ton voor werknemers boven de 40 jaar.
Kort samengevat, tot op heden is er geen maximum aan de kantonrechtersformule, doch als het aan de Minister ligt zou hier snel verandering in moeten komen.
Op het gebied van arbeidsrecht staan wij zowel werkgevers als werknemers bij. U kunt ons inschakelen voor allerlei arbeidsrechtelijke zaken, als ontslagzaken, loonvorderingen, collectief ontslag, overschrijding van concurrentiebedingen, arbeidsongeschiktheid tijdens de looptijd van de arbeidsovereenkomst, het opstellen van arbeidsovereenkomsten en/of reglementen of het screenen hiervan.
Advocatenkantoor Koopman
Wilhelminalaan 7, 1815 JC Alkmaar
Tel: 072 – 54 11 070
Fax: 072 – 54 11 071
Info@amkoopman.nl
|